Meer dan acht jaar heeft Inge Wiebes zich als vrijwilliger ingezet voor onze vereniging als rondzendleidster. Zij verzorgde niet alleen de administratie van het rondzendverkeer, maar ook het daadwerkelijk rondzenden van de dozen met rondzendboekjes. Dat deed zij met grote nauwkeurigheid, inzet en toewijding. Als vereniging zijn wij haar daarvoor zeer dankbaar.
Het bestuur had graag tijdens de clubavond in januari officieel bij haar stilgestaan en haar in het zonnetje gezet. Door de slechte weersomstandigheden kon deze bijeenkomst echter geen doorgang vinden. Daarom hebben de voorzitter, Ed Hoes, en ondergetekende Inge op woensdag 28 januari 2026 thuis opgezocht om onze dank persoonlijk over te brengen. Dit ging vergezeld van een afscheidscadeau, bloemen en een taartje.
Tijdens dit bezoek heb ik Inge, als penningmeester en als degene die het meest betrokken was bij haar werk als rondzendleidster, toegesproken. Deze speech heb ik later ook publiekelijk voorgelezen aan de aanwezige leden tijdens de clubavond van 2 februari. De tekst van deze toespraak luidde als volgt:
Beste Inge,
Over de geschiedenis van het rondzendverkeer is eigenlijk weinig bekend. Er is geen uitvinder, geen oprichtingsdatum. Het lijkt gewoon ontstaan.
Maar één ding weten we zeker: het rondzendverkeer is een oud, bijna ambachtelijk instituut binnen de filatelie. Het ontstond aan het eind van de 19e, begin 20e eeuw, toen postzegelverenigingen zich begonnen te organiseren. Aanvankelijk nog elitair – met chique tentoonstellingen – maar de richting was duidelijk: postzegels verzamelen werd geleidelijk een volkshobby. Iedereen kreeg post, iedereen kwam zegels tegen, en dus ging iedereen verzamelen.
En dan gebeurt er vanzelf iets.
Verzamelaars willen elkaar ontmoeten.
Ze willen ruilen.
Ze willen kopen en verkopen.
Maar het liefst gewoon… vanuit huis. Want thuis is dáár waar je postzegels zijn!
In die wereld ontstond het rondzendverkeer. En dat kon omdat plakkertjes de standaard voor het vastmaken van postzegels werd.
Leden plakte dus thuis zelf boekjes samen met hun dubbele zegels.
Er werd georganiseerd dat die boekjes fysiek van hand tot hand gingen.
Aankopen werden genoteerd.
Met stempeltjes (bijna ambtelijk) vastgelegd. Met de uitnemer afgerekend.
En pas veel later afgerekend met de aanbieder.
Het succes ervan zat niet alleen in de logistiek, maar in het plezier:
het bladeren, het verrast worden, het snel scannen of er iets van je gading bij zit. En – want je bent thuis – checken of je de zegel wilt toevoegen.
Maar laten we eerlijk zijn: het systeem werkte alleen onder een paar voorwaarde:
Vertrouwen.
Een lange adem.
En vooral: vrijwilligers met discipline, nauwkeurigheid en doorzettingsvermogen.
Daarmee is het rondzendverkeer geen logistiek systeem, maar een sociaal instituut.
Het bestaat alleen dankzij vrijwilligers die bereid zijn het monnikenwerk te doen.
En Inge, jij was zo iemand.
De meeste verzamelaars hebben geen idee wat dat werk werkelijk inhoudt:
pagina voor pagina controleren, narekenen, corrigeren.
Dat kun je alleen volhouden als je er zelf voldoening uit haalt.
En dat deed jij.
Anders hou je dit geen acht jaar vol.
Ik heb het van dichtbij gezien. En wij weten allemaal: zonder mensen zoals jij zou het rondzendverkeer eenvoudig niet bestaan. Onze dank is dan ook groot. Je hebt voor veel leden een stille, maar cruciale rol gespeeld in hun plezier aan het verzamelen.
Je hebt letterlijk waarde toegevoegd aan onze hobby.
dank je wel, Inge.
